Dingen te doen

Eerder gepubliceerd als column in Playboy #07/2019

Op de lagere school had ik steevast een 5 voor schrijven. 'Robert zal wel nooit een schoonschriftmonnik worden,' schreef de meester van de vijfde klas een keer in mijn rapport. Toen ik dat las wilde ik hem meteen een nette, handgeschreven brief sturen met als enige tekst Nee jij dan met je stomme kop, maar dat mocht niet van mijn moeder. Bovendien had ik het geld voor de postzegel al uitgegeven aan een rolletje Stophoest.

Misschien kwam het wel door die diss van de meester dat ik een jaar later een cursus tienvingerblindtypen van de firma Scheidegger ging volgen, iedere dinsdagavond in een zaaltje in dorpshuis Concordia. Het was een klassikale cursus: we zaten in een hoefijzervorm en iedereen had een mechanische typemachine voor zich staan met gekleurde dopjes over de letters zodat je ook echt blind moest typen. Voor in het leslokaal stond een docent naast een groot elektronisch bord met hetzelfde gekleurde toetsenbord erop, maar dan met de letters wl zichtbaar. Behalve ik en mijn twee vriendjes R. en P. zaten er voornamelijk meisjes en vrouwen in het klasje - ik weet ook niet waarom, want het was toch best zwaar werk, dat indrukken van die toetsen.

Uit het bord kwamen gezellige bliepjes en piepjes terwijl de letters die je moest typen om de beurt oplichtten. Onze typemachines maakten een hoop lawaai, maar als we allemaal in hetzelfde ritme asdf jkl zaten te typen had het tafereel een Leni Riefenstahl-achtige schoonheid. Eigenlijk produceerden we daar in de vroege jaren tachtig al electromuziek - zonder dat we het zelf wisten, maar op die manier ontstaat de beste kunst. Het is ook niet voor niets dat de naam Scheidegger als een dj/producer klinkt. Luister maar: T.raumschmiere, Gesaffelstein, Modeselektor, Brodinski, Scheidegger.

P. liet zijn volgetypte blaadjes steeds extra door mij nakijken. Een verstandige boy, die P., want wij behaalden uiteindelijk allebei het diploma en R. niet. Waarschijnlijk is R. deze mislukking nooit te boven gekomen en ligt hij nu in de goot flessen wodka te zuipen en asdf jkl te murmelen, want ik heb hem net gegoogeld en kreeg nul hits. Toen ik snel met tien vingers zijn naam bij Google invoerde, realiseerde ik me voor de zoveelste keer dat mijn typediploma het waardevolste diploma is dat ik ooit heb behaald (ik heb geen veterstrikdiploma).

Anyway, wat ik dus eigenlijk wilde zeggen: ik heb nogal een slordig handschrift. Na al die jaren moet ik de meester van de vijfde gelijk geven: ik zal wel nooit een schoonschriftmonnik worden. Laat het los, denkt u nu, maar mijn slechte handschrift is een werkdagelijks terugkerend probleem, want ik schrijf mijn to-dolijst met de hand. Het is nu maandagmiddag en ik zit al de halve dag te kijken naar de derde regel van mijn to-dolijst. De eerste twee taken zijn goed genoeg leesbaar: TivoliVredenburgstukjes typen 5x!!! en Podcast Leroy luisteren. Daarna staat er echter heel onduidelijk, of heel duidelijk, dat is maar hoe je ernaar kijkt: Paard kopen.

Daar zit ik nu dus al een halve dag naar te kijken: Paard kopen. Een halve dag. Vier uur. 240 minuten. Tijd waarin ik makkelijk vijf stukjes voor TivoliVredenburg had kunnen typen, of drie keer naar de podcast van Leroy had kunnen luisteren. Maar ik doe helemaal niets, ik kijk alleen maar uit het raam en vraag me continu af: wat moet ik met een paard? Ik woon op tweehoog midden in de stad en heb geen weiland of manege, ik kan niet paardrijden en ik wil het ook niet leren. Een kitten zou ik wel willen hebben, maar een paard? Nee. Goed, ik ben even weg nu, een paard kopen.



[ Maar wat is het? ]