Wat is het probleem?

Eerder gepubliceerd als column in Playboy #05/2020

'Het probleem is dat de mensen steeds dommer worden,' zei ik tegen de vrouw naast me aan de bar. 'En dat er steeds meer domme mensen komen omdat domme mensen zich vaker voortplanten dan slimme mensen. Kijk naar mij. IQ: bijna onmeetbaar hoog. Aantal kinderen: exact nul.' Ik maakte met de duim en wijsvinger van mijn rechterhand een rondje om mijn betoog te verduidelijken.

'Ik bedoel, in mijn straat wonen toch al zeker zesendertig domme mensen en het worden er alleen maar meer!' riep ik. Ik hoopte maar dat ze niet te dom was om deze verwijzing naar het tweede deel van de romancyclus Het Bureau van J.J. Voskuil te herkennen. 'En vroeger bleven ze nog een beetje in hun eigen kringen, maar tegenwoordig zijn ze overal. Op straat, in boekwinkels, bij concerten... Op radio en tv zijn ze zelfs in de meerderheid!' Twee barkrukken verderop verbrandde een millennial zijn mond aan een net geserveerde tosti.

'Over domheid gesproken...' ging ik verder, iets kalmer nu. 'Een paar maanden geleden was ik bij een concert van Ryan Adams. Uitverkocht, tweeduizend man. Ik stond op het balkon, dus ik had een mooi overzicht over het podium en de hele zaal. Het zou bijna beginnen, iedereen was hyped up. Je kent het wel, die laatste paar seconden voor een concert begint zijn soms nog meeslepender dan het concert zelf.' Ik hoopte maar dat ze niet te dom was om deze verwijzing naar mijn prachtroman Paradijs bij het dashboardlicht - Het leven van Jan de Vries (1966 - ) te herkennen.

'Anyway, het zaallicht werd gedimd,' zei ik, 'en even later kwam er iemand van de zijkant het podium op lopen.'
'Ryan Adams,' zei ze.
'Nee, niet Ryan Adams, maar een tjik, ik bedoel een meisje. Ze liep naar de microfoon en zei dat Ryan Adams de ziekte van Méničre heeft en dat hij een toeval kan krijgen van lichtflitsen. We mochten wel foto's maken, maar dan zonder flits. Of dus iedereen nu even zijn flits wilde uitzetten en meteen een testfoto kon maken om te kijken of-ie echt uit stond. Mede namens de artiest, bedankt.'

Ik nam een slok Steenbrugge Blanche, niet mijn favoriete witbier, maar ja, de Witte Trappist was tijdelijk van de tap gehaald vanwege te slechte kwaliteit omdat een of andere monnik zo dom was dat hij z'n eigen recept niet meer kon brouwen.

'Dat meisje loopt dus het podium af,' ging ik verder, 'en ik dacht: oké, bedankt voor deze mededeling, dan kunnen we nu beginnen. Let's rock. Maar nee, toen kwam er een andere tjik, ik bedoel meisje het podium op. Met hetzelfde verhaal, maar nu in het Engelands. Yes, Ryan Adams has Méničre's disease, yes you can take photos but without the flash or he might get a seizure, yes, enzovoort. Je begrijpt het wel.' Ze keek me niet-begrijpend aan. 'Zeg het vooral als je vindt dat ik te veel praat,' zei ik. Ik hoopte maar dat ze niet te dom was om deze verwijzing naar het boek Brieven van een aardappeleter van Gerard Reve te herkennen.

'Goed, ze verdwijnt van het podium. Oké, dacht ik, thanks. Dan kunnen we nu beginnen. Let's rock. En ja hoor... De schijnwerper gaat aan en Ryan Adams komt het podium op met zijn gitaar. Iedereen klapt. Hij wacht tot het applaus wegsterft, zet een nummer in en begint te zingen. En wat zie ik overal in de zaal?' Ik pauzeerde even voor een dramatisch effect. 'Flits. Flits. Flits.'

Ze dacht lang na.

'Ryan Adams,' zei ze toen, 'die is toch van Summer of 69?'



[ Maar wat is het? ]