Waarom we het over sensitivity readers moeten hebben

Eerder gepubliceerd als column in Playboy #05/2021

Toen ik in de krant las dat uitgeverijen sinds kort sensitivity readers inzetten, dacht ik dat het ging over een nieuw soort e-reader met een ultragevoelig touchscreen. Ik had het mis: sensitivity readers zijn redacteuren die stukken tekst schrappen waarover iemand zou kunnen gaan mekkeren omdat hij (m/v/transgender) zich beledigd voelt.

Volgens het artikel is een sensitivity reader 'alert op onjuistheden, vooroordelen, clichés en andere onwenselijke beeldvorming, vooral over personen uit gemarginaliseerde groepen.' Ik zat net een column te typen en besloot na mijn eerste alinea dat er een sensitivity reader naar moest kijken - ik had een vaag gevoel dat er personen uit gemarginaliseerde groepen werden gebeeldvormd. Via mijn connecties in het boekenvak kreeg ik de contactgegevens van een freelance sensitivity reader. Het was een vrouw - een goede zaak, leek mij, want vrouwen zijn gevoeliger dan mannen.

Tijdens ons inleidende telefoongesprek mailde ik haar meteen maar die eerste alinea van mijn column. Hij ging zo: Ik zat op de bank naar Friends te kijken terwijl ik een blik jodenkoeken wegwerkte. Joey was aan het stijldansen met een man, waarna Monica hem gay noemde. Ook Rachel lachte Joey uit en ik deed hardop mee. Ik proestte een stukje koek uit dat met de snelheid van Usain Bolt door de kamer vloog en op mijn poster van Jan Pieterszoon Coen landde. 'Kut!' riep ik. 'Godverdomme!'

Ik hoorde haar een paar keer 'hmm, oké...' en 'o, wow' mompelen terwijl ze mijn tekstje doorlas. Was dat een goede of een slechte oké & wow? Na een minuut stilte zei ze: 'Eén aspect is mij niet geheel duidelijk.' Ze klonk ineens als een zakenvrouw - ik stelde me voor dat ik op haar werkkamer was en dat ze haar bril afzette en haar haar losgooide in slow motion. Haar rokje van biologisch vilt ging uit en we hadden non-binaire seks op een bureau van ongeverfd sloophout.

'Hallo? Meneer Van der Eijden?' Ik was weer terug in de realiteit. 'Wat voor bank is het precies?' vroeg ze. 'Als het bijvoorbeeld een leren bank is, moet ik dat zinnetje weghalen. Leer is kwetsend voor vegetariërs.'
'Ja, maar...' zei ik, 'de lezers hoeven toch niet op mijn bank te zitten?'
'Daar gaat het niet om. Ze moeten het wel lézen.'
'Nou oké, het is een ribfluwelen bank, uit een tweedehandswinkel. Ik kreeg er een slaapzak bij, die heeft nog een paar jaar dienstgedaan als wijnrek. Dat wil zeggen, hij lag opgevouwen op een plank in mijn gangkast en er lagen twee flessen wijn op. Mijn gabber Paalman vond dat altijd enorm grappig, elke keer als hij op bezoek kwam, vroeg hij: 'Laat je wijnrek nog eens zien?' en dan deed ik de kastdeur open en moest hij weer lachen. Toen was geluk heel, eh, regulier.'

De volgende middag mailde ze mijn gecorrigeerde alinea terug. Hij was gereduceerd tot één zin: Ik zat op de bank. Meteen belde ik haar op om te vragen of dit niet wat overdreven was.
'Tja,' antwoordde ze, 'wilt u een beetje bij de tijd blijven of niet?'
'Ja natuurlijk,' zei ik, terwijl ik nadacht of ik dat wel wilde, een beetje bij de tijd blijven. Helemáál bij de tijd blijven zou niet meer lukken op mijn leeftijd, maar een beetje leek me wel wenselijk. Aan de andere kant: wiens tijd hadden we het hier eigenlijk over?

Nadat ik had opgehangen, betaalde ik haar factuur (5 euro per geschrapt woord plus 21% btw, totaalbedrag 381,15 euro) en opende Google om te zoeken naar een officiële instantie waar ik kon klagen over mijn sensitivity reader. Ik voelde me gemarginaliseerd.



[ Maar wat is het? ]