|
Ghettoblaster Als je midden jaren tachtig te weinig geld had voor een stereotoren, kocht je een ghettoblaster: een enorme radiocassetterecorder met boxen die vooral uitblonken in het weergeven van bastonen. Potje breakdancen, iemand? door Robert van Eijden Het woord pimpen in de zin van 'opleuken' bestond nog niet in de jaren tachtig, maar een ghettoblaster was niets meer of minder dan een gepimpte radiocassetterecorder. Twee (vaak afneembare) boxen in plaats van één bepaalden het belangrijkste aspect van de ghettoblaster: pompende bassen waarop het goed breakdancen was. Breakdance, de ghettoblaster (of boombox, zoals de Amerikanen zeggen) en graffiti zijn tijdens de hoogtijdagen van de ghettoblaster een drie-eenheid.Nog mooier dan de vette bassen die een ghettoblaster produceerde, waren de ledjes die erop zaten. Deze lampjes (één rij voor het linkerkanaal, één rij voor het rechterkanaal) gaven de geluidssterkte aan. Veel ghettoblasters hadden bovendien lampjes die aan- en uitgingen op de maat van de beat. Ook de loudness-knop, om de bassen nog zwaarder en het hoog nog spetterender te maken, was essentieel. Geavanceerde modellen beschikten zelfs over een equalizer en een ambient of spatial stereo-stand die het geluid een ruimtelijk effect meegaf: Dolby surround avant la lettre! Op mooie dagen nam je de ghettoblaster mee als je met je vrienden naar het park ging. Ghettoblasters waren zwaar, maar degene die het ding moest dragen deed dat zonder bezwaar - met zo'n indrukwekkend stuk elektronica op je nek zag je er immers een stuk stoerder uit dan zonder. Eenmaal in het park aangekomen was het zaak zo nonchalant mogelijk om de ghettoblaster heen te zitten en mee te knikken met kneiters als Planet rock van Afrika Bambaataa of Peter piper van Run DMC. Grote ronde joekels Veel verder dan die twee nummers kwam het apparaat meestal ook niet, want het ding vrat batterijen. Niet van die nichterige AA-batterijen, maar type D, grote ronde joekels. En aan twee batterijen had je niet genoeg: de zwaarste ghettoblasters hadden maar liefst tien D-batterijen nodig voordat ze ook maar een noot lieten horen. Zo bezien was het misschien toch goedkoper om een stereotoren aan te schaffen. Panasonic, JVC en Sharp waren de topmerken wat ghettoblasters betreft - Sharp heeft zelfs nog een model met ingebouwde platenspeler op de markt gebracht. Anno 2007 gaan oude ghettoblasters voor stevige bedragen van de hand op eBay. Nieuwe types worden nog steeds ontworpen en geproduceerd, maar die missen toch een beetje de ziel die elektronica had in de jaren tachtig: zilverkleurig chroom is vervangen door zwart plastic en de rechte hoeken zijn rond geworden. De muziek komt niet meer van cassettebandjes, maar van cd's, of erger nog: een iPod die via een opzetstuk aan de ghettoblaster wordt gekoppeld. Maar de echte opvolger van de oude ghettoblaster is, raar maar waar, het mobieltje. Wie nu in het park (of in de tram) zit wordt dus getrakteerd op een kakofonie van schelle monomuziek uit de krakkemikkige boxjes van mobiele telefoons. Vooruitgang is niet altijd verbetering - ooit een stoere neger zien breakdancen naast een mobieltje? Ik wil nog meer flashbacks! |