Het probleem met Ryan

Eerder gepubliceerd als column in Playboy #10/2023

Ik weet niet of het de naweeën zijn van mijn net overwonnen Franse kaas-verslaving, maar mijn gezellige buikje begint de laatste tijd ongezellig fors te worden. En dat terwijl ik dagelijks een stevig eind wandel en/of fiets, zoals ik onlangs nog vol trots vertelde aan mijn voormalige drinking buddy M. tijdens onze reünie, bij een wijnbar.

Het was midden in mijn klaagzang over hoe mijn kadaver bijna niet meer tegen alcohol kan dat M. mij onderbrak en zei dat ik mijn conditie moest verbeteren, en wel door mijn hartslag omhoog te jagen.
'Maar als ik op mijn gemakje naar Breukelen en terug ben gefietst, ben ik helemaal kapot,' had ik geantwoord. 'Is dat dan niet genoeg?'
Nee, dat was dan niet genoeg, ik moest twee keer zo hard fietsen, zei M. Hij bestelde nog een fles Duitse witte wijn. De ober meldde dat de wijn uit 'een gebied tien minuten onder Mainz' kwam - ik wilde vragen of dat tien autominuten of tien fietsminuten waren, maar ik had ineens de kracht niet meer om bijdehand te zijn.

Met een kater ging ik de volgende avond bij mijn vriendin eten. In de berg spullen die ze kwijt moet omdat haar nieuwe huis kleiner is dan haar oude, zag ik twee trainingsgewichtjes van 5 kilo liggen. 'Mag ik die hebben?' vroeg ik. Dat mocht. Later die avond deed ik thuis één setje met tien herhalingen van de simpelste bicepsoefening, niet voor de spiegel, maar voor de tv - ik had het digitale kanaal MTV 80s opgezet om hyped up te raken. Meer dan tien herhalingen leek me niet verstandig - op mijn leeftijd moet je alles rustig opbouwen. Behalve je pensioen.

De volgende middag achter mijn computer zag ik al op tegen het tweede setje met de gewichtjes die avond. Maar het moest wel, de volgende generaties stonden klaar om mijn positie op de arbeids-, liefdes- en cafémarkt in te pikken: de millennials, Gen Z, en wat kwam daarna eigenlijk? Verder dan de Z kan niet, beginnen we dan soms weer bij Gen A? Ik werd een beetje duizelig en voelde mijn hartslag omhooggaan - dat was dan weer een voordeel, al wist ik niet of mijn voormalige drinking buddy M. deze methode van conditieverbetering zou toejuichen. Ik besloot een wandeling naar het buurtparkje te maken, misschien even op het bankje boven aan de heuvel zitten en aan kittens denken, dat hielp meestal wel.

Een paar minuten later liep ik buiten. Bij een grote plantenbak bleef ik staan en bukte om mijn veters te strikken. Er zaten twee jongens en een meisje op de betonnen rand van de bak, ik schatte ze tussen de dertien en vijftien jaar oud. De ene jongen droeg een groen trainingspak van Adidas, de ander was volledig in het zwart, zonder merkjes of prints. Het meisje hield het bij een T-shirt van 2Pac en een lichtblauwe spijkerbroek van een model dat ik in de eighties ook droeg.
'Het probleem met Ryan is dat hij geen neven heeft,' zei de ene jongen. Hij pakte een takje en begon ermee te krassen op de stoeptegels tussen zijn benen.
'Hij heeft wel neven, maar die komen niet voor hem op,' zei de andere jongen.
Het meisje kwam overeind en ging voor de twee jongens staan, handen in de zij, benen een halve meter uit elkaar. Ze was veel langer dan ik had gedacht. 'Kanker-Ryan is kankerdik,' zei ze. 'Ik boss hem met twee vingers in de neus.'

Er viel een goed getimede stilte die ik gebruikte om snel door te lopen. Die avond deed ik vijftien herhalingen in plaats van tien.

<< Vorige column | Volgende column >>



[ Maar wat is het? ]